ECLI:NL:CRVB:2015:703
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij bezwaar tegen informatieve vermogensaantekening WWB-aanvraag
Appellant diende op 28 augustus 2012 een aanvraag om bijstand in bij de gemeente Sittard-Geleen. Het college plaatste op de uitnodigingsbrief voor het startgesprek een handgeschreven aantekening over het vermeende vermogen van appellant, wat aanleiding gaf tot bezwaar. Het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de aantekening geen besluit was in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, maar een informatieve mededeling.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de aantekening niet op rechtsgevolg was gericht. Appellant ging in hoger beroep en betwistte dat de brief slechts informatief was en stelde dat het achterwege laten van een hoorzitting in strijd was met de Awb.
De Centrale Raad van Beroep stelde ambtshalve vast dat appellant geen procesbelang had omdat hij inmiddels via het UWV een WIA-uitkering ontving die zijn inkomenspositie veiligstelde. De kwestie van verrekening tussen gemeente en UWV viel buiten dit geding en kon geen procesbelang opleveren. Ook de gevraagde proceskostenveroordeling en griffierechtvergoeding konden geen belang opleveren.
Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.