ECLI:NL:CRVB:2015:4214
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beslissing over gelijkstelling ongevallen met beroepsincident en vergoeding redelijke termijn
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 8 december 2014, waarin de minister het aan appellant op 4 juli 1997 overkomen ongeval gelijkstelde met een beroepsincident en de korting op zijn bezoldiging vanaf 29 december 2009 volledig heeft opgeheven. Appellant stelde dat ook het ongeval van 13 oktober 1992 gelijkgesteld moest worden met een beroepsincident en verzocht om vergoeding van pensioenschade en wettelijke rente.
De Raad oordeelde dat de minister met het besluit van 8 december 2014 het gebrek in het eerdere besluit van 11 november 2009 volledig heeft hersteld en niet verplicht was zich uit te laten over het ongeval van 1992. De minister heeft de ingehouden korting inclusief wettelijke rente nagekomen en de door appellant gestelde pensioenschade was onvoldoende onderbouwd, waardoor dit verzoek werd afgewezen.
Verder werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de procedure met ruim een jaar werd overschreden, wat leidt tot een schadevergoeding van € 2.000,- waarvan € 1.000,- reeds was betaald. De minister werd veroordeeld het resterende bedrag van € 1.000,- te vergoeden en tevens in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.281,-. Het beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak vernietigd voor zover deze de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand hield.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 8 december 2014 wordt ongegrond verklaard en de minister veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.