ECLI:NL:CRVB:2015:3651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging indicatie ZZP VG06 als best passende zorgpakket voor betrokkene met syndroom van Asperger
Betrokkene, gediagnosticeerd met het syndroom van Asperger en een ernstige sociaal-emotionele ontwikkelingsachterstand, had een indicatie aangevraagd voor het Zorgzwaartepakket (ZZP) VG06. Het CIZ wees deze aanvraag af en kende een ZZP GGZ05C toe, gebaseerd op de psychiatrische grondslag en het ontbreken van een verstandelijke beperking volgens hun criteria.
De rechtbank Rotterdam oordeelde dat CIZ onvoldoende had onderzocht welk ZZP het best aansloot bij de zorgbehoefte van betrokkene, met name ten aanzien van het aantal benodigde dagdelen dagbesteding. De rechtbank stelde vast dat betrokkene negen dagdelen dagbesteding nodig heeft, terwijl GGZ05C slechts vijf dagdelen biedt, en wees de indicatie voor VG06 toe.
CIZ ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigde dat het cliëntprofiel en de daadwerkelijke zorgbehoefte leidend zijn bij de indicatiestelling, niet de dominante grondslag. De Raad concludeerde dat ZZP VG06 het best passende pakket is, omdat het voorziet in negen dagdelen dagbesteding, essentieel voor betrokkene. Het hoger beroep van CIZ werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van CIZ wordt verworpen en de indicatie voor ZZP VG06 wordt bevestigd als best passende zorgpakket voor betrokkene.