ECLI:NL:CRVB:2015:3051
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering terugkeer naar besluit weigering Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante heeft meerdere aanvragen gedaan voor een Wajong-uitkering, waarvan de laatste in 2013 een verzoek inhield om terug te komen op het eerdere besluit van 29 oktober 2008 waarin de uitkering werd geweigerd. Het Uwv weigerde terug te komen op dit besluit omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die dit rechtvaardigden.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de nieuwe medische rapporten grotendeels al bekend waren en dat een nieuwe diagnose volgens vaste rechtspraak geen nieuw feit vormt in de zin van artikel 4:6 Awb Pro. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de nieuwe diagnoses zoals ADHD/PDD NOS en MS wel degelijk nieuwe feiten zijn.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank. De Raad stelde vast dat de medische gegevens uit eerdere rapporten al bekend waren en dat het rapport van 2012 geen nieuwe feiten bevatte die relevant zijn voor de beoordelingsperiode. Tevens is het feit dat appellante een uitkering op grond van een andere regeling ontvangt niet relevant voor de beoordeling van het oude besluit.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering om terug te komen op het besluit tot weigering van de Wajong-uitkering wegens ontbreken van nieuwe feiten.