ECLI:NL:CRVB:2015:2795
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen blokkering bijstandsuitbetaling dakloze
Appellant, een dak- en thuisloze, ontving bijstand met wekelijkse uitbetaling. Na het niet verschijnen op een re-integratiegesprek besloot het college de uitbetaling van de bijstand te blokkeren. Appellant verscheen later alsnog op gesprek, waarna de betalingen werden hervat en nagebetaald.
Appellant maakte bezwaar tegen de blokkering, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang, omdat de blokkering inmiddels was opgeheven. De rechtbank oordeelde hetzelfde en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij niet wist van de opheffing van de blokkering en dat hij wel belang had vanwege een verzoek tot vergoeding van rechtsbijstandskosten. De Raad oordeelde dat appellant redelijkerwijs op de hoogte had kunnen zijn van de hervatting van de betalingen en dat het bezwaar daarom geen feitelijke betekenis meer had. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de blokkering van de bijstandsuitbetaling is terecht niet-ontvankelijk verklaard vanwege gebrek aan materieel belang.