ECLI:NL:CRVB:2015:27
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toekenning bijstand wegens duurzaam gescheiden leven van echtgenoot
Appellante vroeg bijstand aan als alleenstaande ouder nadat haar echtgenoot in 2009 naar Costa Rica vertrok om daar een nieuw bedrijf te starten. Het college wees de aanvraag af omdat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij duurzaam gescheiden leefde en onvoldoende inzicht gaf in haar financiële situatie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders. Uit feiten en omstandigheden bleek dat de echtgenoot een bestendige verbreking van de echtelijke samenleving had beoogd en appellante sinds 2009 duurzaam gescheiden leefde. Bovendien had appellante aannemelijk gemaakt dat zij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde, onder meer door het overleggen van bankafschriften en bewijs van verkoop van bezittingen.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en het eerdere besluit van het college, en bepaalde dat appellante vanaf 8 mei 2012 bijstand naar de norm voor een alleenstaande ouder wordt toegekend. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Bijstand wordt toegekend vanaf 8 mei 2012 wegens duurzaam gescheiden leven van echtgenoot.