ECLI:NL:CRVB:2015:251
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening intrekking bijstand wegens geen nieuw gebleken feiten
Appellant ontving sinds 1997 bijstand, die per 1 januari 2006 werd ingetrokken omdat hij geen geldig legitimatiebewijs kon overleggen. Appellant stelde dat een later vastgestelde angststoornis hem toen verhinderde het legitimatiebewijs te tonen, en verzocht in 2011 om herziening van het intrekkingsbesluit.
De commissie wees het herzieningsverzoek af omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die een terugkomen op het eerdere besluit rechtvaardigden. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de diagnose van zijn angststoornis een nieuw feit was, maar de Raad oordeelde dat deze diagnose geen nieuw feit is omdat appellant zijn beperkingen al eerder had gemeld.
De Raad bevestigde dat het oorspronkelijke besluit niet evident onjuist was en dat de medische informatie geen aanwijzingen gaf dat appellant in 2006 meer beperkt was dan aangenomen. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het intrekkingsbesluit van bijstand wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.