ECLI:NL:CRVB:2015:2482
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vermindering van huishoudelijke hulp uren op grond van Wmo vernietigd wegens onvoldoende motivering
Appellante, die lijdt aan multiple sclerose, had op grond van de Wmo recht op 4 uur hulp bij het huishouden. Na een verzoek tot uitbreiding en medisch advies van de GGD kende het college 5 uur en 15 minuten toe, later verhoogd tot 5 uur en 45 minuten na een uitspraak van de rechtbank.
Appellante stelde dat zij meer hulp nodig had vanwege haar beperkingen en de beperkte zorgcapaciteit van haar echtgenoot. Een rapport van Welpart stelde een behoefte van 10,42 uur per week vast, maar het college hield vast aan de eerdere toekenning, zonder het rapport te laten beoordelen door een medisch adviseur.
De Raad oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de toegekende uren voldoende zijn en vernietigt het besluit. De Raad voorziet zelf in de zaak en kent appellante 6 uur en 15 minuten hulp per week toe, gebaseerd op het Protocol indicatiestelling hulp bij het huishouden. De hardheidsclausule wordt niet toegepast. Tevens wordt het college veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Appellante krijgt recht op 6 uur en 15 minuten hulp bij het huishouden per week; besluit college vernietigd.