ECLI:NL:CRVB:2015:2346
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand na verhuizing en onvolledige informatie appellant
Appellant ontving bijstand sinds april 2010 en kreeg in januari 2012 een startkapitaal toegekend voor zijn ondernemingsplan. Het college trok de bijstand met ingang van 1 januari 2012 in, omdat appellant werkzaamheden voor zijn eigen bedrijf was gestart en het startkapitaal had ontvangen. Na bezwaar werd het intrekkingsmoment aangepast naar 12 januari 2012, de datum waarop appellant naar Haarlem verhuisde.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze intrekking ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat hij een onvoorwaardelijke toezegging had gekregen dat de bijstand zou doorlopen tot het startkapitaal was overgemaakt en dat hij zijn plannen met de klantmanager had besproken. De Raad stelde vast dat appellant niet had gemeld dat zijn vriendin in Haarlem woonde, waardoor het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde.
De Raad concludeerde dat appellant vanaf 12 januari 2012 geen recht meer had op bijstand van het college, omdat hij verhuisd was naar een andere gemeente. De onvoorwaardelijke toezegging was gebaseerd op onvolledige informatie. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstand per datum verhuizing bevestigd.