ECLI:NL:CRVB:2015:2183
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- M.T. Boerlage
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeschiktheidsontslag na onvoldoende functioneren ondanks begeleiding
Appellante was sinds 1994 werkzaam bij de gemeente Valkenswaard en sinds 2011 in een HBO-functie. Na meerdere functionerings- en beoordelingsgesprekken werd vastgesteld dat zij niet voldeed aan de functie-eisen. Het college verleende haar eervol ontslag wegens ongeschiktheid op grond van artikel 8:6 CAR Pro/UWO.
Appellante voerde aan dat de beoordeling onrechtmatig was omdat deze door slechts één beoordelaar plaatsvond en dat onvoldoende rekening was gehouden met haar persoonlijke omstandigheden. De Raad oordeelde dat de regeling die één beoordelaar voorschrijft rechtsgeldig is en dat persoonlijke omstandigheden slechts beperkt invloed kunnen hebben op de beoordeling.
Verder stelde appellante dat zij onvoldoende verbeterkansen had gekregen. De Raad stelde vast dat zij wel degelijk begeleiding en tijd had gekregen, inclusief een versmald takenpakket en een WMO-cursus. Ondanks deze ondersteuning bleef haar functioneren onvoldoende. Het college mocht daarom het ontslagbesluit nemen.
De Raad bevestigde dat het college bevoegd was het ongeschiktheidsontslag te verlenen en dat er geen sprake was van onvoldoende herplaatsingsinspanningen ten tijde van het ontslagbesluit. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ongeschiktheidsontslag bevestigd.