ECLI:NL:CRVB:2015:1925
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit CIZ omtrent indicatie functie Begeleiding na nader onderzoek
Appellante maakte bezwaar tegen een besluit van 27 mei 2010 van het CIZ waarin werd vastgesteld dat zij niet was aangewezen op de functie Begeleiding binnen de AWBZ. De rechtbank Rotterdam deed op 4 mei 2011 een gedeeltelijke vernietiging, waarna de Centrale Raad van Beroep op 11 september 2013 een tussenuitspraak deed en CIZ opdroeg het geconstateerde gebrek te herstellen door nader onderzoek.
CIZ verrichtte nader medisch onderzoek door de medisch adviseur, die concludeerde dat er geen medische grondslag was voor een indicatie Begeleiding, mede gelet op recente rapportages en dossierinformatie. Appellante stelde dat haar beperkingen ernstiger waren en dat zonder haar toestemming informatie was ingewonnen, maar de Raad oordeelde dat CIZ aan de onderzoeksplicht had voldaan en dat de toestemming was verleend.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Verder werd CIZ veroordeeld tot een schadevergoeding van € 2.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn en tot betaling van proceskosten van € 2.695. Het griffierecht werd eveneens aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 27 mei 2010 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; CIZ wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.