ECLI:NL:CRVB:2015:1475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vergoeding schade wegens overschrijding redelijke termijn in bestuursprocedure
Verzoeker stelde hoger beroep in tegen uitspraken van rechtbanken inzake een bestuursrechtelijke zaak over functiewaardering. De Raad heropende het onderzoek om te beoordelen of sprake was van overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De Raad concludeerde dat de redelijke termijn aanving op het moment van ontvangst van het bezwaarschrift op 7 augustus 2009 en dat er een overschrijding was in zowel de bestuurlijke als rechterlijke fase. Het college en de Staat erkenden de overschrijding en stelden een schadevergoeding van €500 redelijk.
Verzoeker stelde dat de termijn al vanaf 12 december 2005 liep, wat een hogere schadevergoeding zou rechtvaardigen, maar de Raad verwierp dit omdat het standpunt van het bestuursorgaan pas vanaf het bezwaarschrift duidelijk was.
De Raad veroordeelde het college en de Staat elk tot betaling van €500 aan verzoeker en tot vergoeding van de proceskosten van €245 elk. De procedure in het andere geding (13/5173 AW) werd niet heropend wegens geen overschrijding.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 7 mei 2015.
Uitkomst: Het college en de Staat worden elk veroordeeld tot betaling van €500 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.