ECLI:NL:CRVB:2015:1134
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bezwaar tegen ontslag en ziekteverlof ambtenaar bij Ministerie van Veiligheid en Justitie
Appellant was werkzaam bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie en kreeg op grond van onbekwaamheid eervol ontslag verleend. Diverse besluiten betroffen onder meer verrekening van bedragen met wettelijke rente, afwijzing van ziekteverlof en bezwaren tegen deze besluiten.
De rechtbank verklaarde het beroep grotendeels ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigde het besluit over de wettelijke rente en herroept dit gedeelte. Tevens oordeelde de Raad dat het bezwaar tegen het uitblijven van een besluit op het verzoek om ziekteverlof gegrond is en vernietigde het besluit in zoverre. Het verzoek om ziekteverlof werd uiteindelijk afgewezen op basis van het advies van de bedrijfsarts en het ontbreken van medische gronden.
Verder werd vastgesteld dat een brief met informatief karakter niet als besluit in de zin van de Awb kan gelden en dat het bezwaar tegen een te laat ingediend bezwaar terecht niet-ontvankelijk werd verklaard. De eis van onafhankelijkheid geldt niet voor de secretaris van de adviescommissie, wat het beroep op dit punt doet falen. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De wettelijke rente is ten onrechte in rekening gebracht en het verzoek om ziekteverlof wordt afgewezen; bezwaar tegen niet-tijdig besluit is gegrond verklaard.