ECLI:NL:CRVB:2014:4287
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering studiefinanciering wegens niet-wonen op GBA-adres
Appellanten ontvingen studiefinanciering op basis van de norm voor uitwonende studenten, maar een huisbezoek door controleurs toonde aan dat zij niet op het GBA-adres woonden. De Minister herzag daarom de studiefinanciering en vorderde het te veel betaalde bedrag terug.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellanten ongegrond en oordeelde dat de Minister terecht de herziening toepaste vanaf de datum van de laatste adreswijziging in de GBA. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat zij onterecht werden belast met de bewijslast en dat de Minister niet aannemelijk had gemaakt dat zij niet woonden op het GBA-adres.
De Raad bevestigde dat het wettelijk vermoeden geldt dat de overtreding vanaf de laatste adreswijziging bestaat, maar dat appellanten onomstotelijk bewijs moeten leveren om dit te weerleggen. Omdat appellanten dit bewijs niet leverden, bleef de herziening en terugvordering in stand. De hoger beroepen werden verworpen en de aangevallen uitspraken bevestigd.
Uitkomst: De herziening en terugvordering van studiefinanciering worden bevestigd omdat appellanten geen onomstotelijk bewijs leverden dat zij op hun GBA-adres woonden.