ECLI:NL:CRVB:2014:4268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing ziekmelding wegens niet meewerken medisch onderzoek
Appellant meldde zich per 28 september 2012 ziek wegens vermoeidheidsklachten terwijl hij een WW-uitkering ontving. Het UWV nam de ziekmelding niet in behandeling omdat appellant niet aannemelijk maakte dat er nieuwe feiten waren die arbeidsongeschiktheid rechtvaardigden. Het bezwaar van appellant werd ongegrond verklaard.
De rechtbank oordeelde dat appellant verwijtbaar niet had meegewerkt aan een medisch onderzoek dat noodzakelijk was voor de beoordeling van zijn ziekmelding. Appellant verscheen niet bij de hoorzitting en gaf geen inhoudelijke gronden tegen de afwijzing. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het niet meewerken aan het medisch onderzoek terecht leidt tot het buiten beschouwing laten van aanspraken op ziekengeld.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten. De beslissing is genomen op basis van artikel 45j Ziektewet, dat stelt dat bij niet meewerken aan medisch onderzoek aanspraken op ziekengeld buiten beschouwing blijven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de ziekmelding wordt bevestigd.