ECLI:NL:CRVB:2014:4123
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid tot werk als loodsmedewerker
Appellant was jarenlang werkzaam als logistiek medewerker en meldde zich op 7 september 2011 ziek vanwege psychische klachten, waarna hij een Ziektewetuitkering ontving. Het UWV stelde op grond van medisch onderzoek vast dat appellant per 21 maart 2012 weer geschikt was om zijn werk als loodsmedewerker te verrichten en beëindigde de uitkering.
De rechtbank vernietigde een eerdere beslissing van het UWV en gaf aan dat het werk bij de bakkerij als maatstaf van arbeid moet gelden, waarna het UWV nader onderzoek liet verrichten. Dit leidde tot een nieuw besluit tot beëindiging van de uitkering, dat door de rechtbank werd bekrachtigd.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn medische beperkingen werden onderschat en dat zijn functie stressvoller was dan aangenomen. De Raad overwoog dat de medische verklaringen geen aanleiding geven tot een ander oordeel dan dat appellant per 21 maart 2012 geschikt was om zijn werk te doen en dat het UWV terecht de uitkering heeft beëindigd.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van appellant is terecht per 21 maart 2012 beëindigd omdat hij geschikt was om zijn werk te verrichten.