ECLI:NL:CRVB:2014:4003
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet-melding WAO-uitkering
Appellant ontving vanaf 2006 bijstand terwijl hij sinds 2001 ook een WAO-uitkering ontving. Na onderzoek door de gemeente Amsterdam werd vastgesteld dat appellant ten onrechte geen melding had gemaakt van zijn WAO-uitkering, waardoor hij te veel bijstand ontving.
Het college trok de bijstand in en vorderde de teveel ontvangen bedragen terug. Appellant maakte bezwaar, dat deels werd gehonoreerd, maar de terugvordering bleef substantieel. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze herziening ongegrond.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat appellant zijn inlichtingenplicht heeft geschonden door zijn WAO-uitkering niet te melden, ook na 2010. De Raad oordeelt dat appellant redelijkerwijs had moeten weten dat hij te veel bijstand ontving en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.
De Raad bevestigt daarmee de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand bevestigd.