ECLI:NL:CRVB:2014:2707
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen bijstand sinds 2000 en werden onderzocht na een anonieme melding over handel en vermeend vermogen. De Sociale Recherche voerde een onderzoek uit, inclusief dossieronderzoek, bankafschriften, een huiszoeking en getuigenverhoren. Het college trok de bijstand in vanaf 1 mei 2012 en vorderde terugbetaling over 2008 tot 2012 wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep erkenden appellanten handel in boten en auto’s maar betwistten omvangrijke inkomsten. De Raad stelde vast dat appellanten geen inzicht gaven in hun financiële situatie en geen deugdelijke administratie bijhielden, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
De Raad oordeelde dat appellanten niet aannemelijk maakten dat zij recht hadden op bijstand over de periode in geding. De schatting van inkomsten was onvoldoende onderbouwd. Daarom werd de aangevallen uitspraak bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting.