ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6433
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van het verlies van recht op WGA-uitkering na medische beoordeling
Appellant viel uit wegens rugklachten na een bedrijfsongeval en kreeg aanvankelijk een WGA-uitkering toegekend. Het UWV stelde later vast dat de arbeidsongeschiktheid was afgenomen tot onder de 35%, waardoor het recht op uitkering verviel. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd door verzekeringsartsen en dat de beperkingen van appellant juist waren vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De brief van neuroloog Bernsen, aangevoerd door appellant, bood geen aanleiding tot twijfel aan deze beoordeling, mede omdat deze niet op de datum in geding betrekking had.
In hoger beroep stelde appellant dat artikel 6 EVRM Pro was geschonden en dat een onpartijdige deskundige moest worden ingeschakeld. Dit werd verworpen, evenals het betoog dat de medische beoordeling onzorgvuldig was. De Raad concludeerde dat de beperkingen juist waren gewaardeerd en dat de geduide functies passend zijn voor appellant.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de WGA-uitkering wordt bevestigd.