ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4063
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid CIZ tot indicatie van meer AWBZ-zorg boven zorgzwaartepakket
Betrokkene, een jongvolwassene met ernstige epilepsie, diende een aanvraag in bij CIZ voor indicatie van AWBZ-zorg. CIZ wees een zorgzwaartepakket toe en weigerde daarna additionele zorg boven het pakket te indiceren vanwege gewijzigde regelgeving per 1 januari 2012.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene tegen eerdere besluiten niet-ontvankelijk en vernietigde een besluit over de ingangsdatum van de additionele zorg. Betrokkene ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, stellende dat CIZ wel bevoegd moet zijn om meer zorg te indiceren en dat de regelgeving strijdig is met de AWBZ en beginselen zoals gelijkheid en rechtszekerheid.
De Raad oordeelt dat de wetgever bevoegd is de aanspraken op AWBZ-zorg te beperken en dat CIZ sinds 2012 niet bevoegd is meer zorg te indiceren dan het zorgzwaartepakket. De Raad wijst beroepen op het gelijkheidsbeginsel, rechtszekerheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel af, en bevestigt dat de beoordeling van meer zorg niet afhankelijk is van een onafhankelijke indicatie. Het hoger beroep van betrokkene wordt verworpen, het hoger beroep van CIZ deels gehonoreerd door vernietiging van het bevel tot heroverweging van additionele uren over een eerdere periode.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat CIZ niet bevoegd is meer zorg dan het zorgzwaartepakket te indiceren en wijst het hoger beroep van betrokkene af.