ECLI:NL:CRVB:2013:1821
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand na gezamenlijke huishouding en niet-naleving inlichtingenplicht
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder, maar het college stelde vast dat zij een gezamenlijke huishouding voerde zonder dit te melden, waardoor ten onrechte bijstand werd verleend. Het college trok de bijstand terug en vorderde het bedrag terug.
Appellante stelde dat zij het college correct had geïnformeerd en verwees naar haar vrijspraak voor bijstandsfraude in een strafzaak als nieuw feit. De Raad oordeelde dat deze vrijspraak geen nieuw feit is dat herziening van het besluit rechtvaardigt, mede omdat bestuursrechtelijke toetsing niet gebonden is aan strafrechtelijke uitspraken.
De Raad bevestigde het besluit van het college tot terugvordering over de periode 1 april 2005 tot en met 25 augustus 2008, waarbij het bedrag was beperkt. Er werden geen proceskosten toegewezen. Tevens werd opgemerkt dat het college bij een andere procedure had toegezegd de besluiten te herzien indien geen inlichtingenplichtschending werd vastgesteld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van bijstand wegens het voeren van een gezamenlijke huishouding zonder melding.