ECLI:NL:CRVB:2012:BY7065
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens arbeidsgeschiktheid bevestigd
Appellant ontving een uitkering op grond van de Ziektewet (ZW) die per 6 september 2010 door het UWV werd beëindigd omdat hij volgens medisch en arbeidskundig onderzoek weer geschikt was voor zijn maatgevende werk. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen dit besluit, stellende dat zijn klachten dusdanige beperkingen veroorzaken dat hij niet arbeidsgeschikt is.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek van het UWV zorgvuldig was en dat appellant ten minste één van de hem voorgehouden functies kon vervullen. Appellant handhaafde zijn standpunt in hoger beroep zonder nieuwe medische informatie aan te leveren.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank en het standpunt van het UWV. Er was geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de beëindiging van de ziekengelduitkering. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 december 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering bevestigd.