ECLI:NL:CRVB:2012:BY6092

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
13 december 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-6211 WWB
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • K. Zeilemaker
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 35, eerste lid, WWB
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten wasmachine en koelkast

Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van een wasmachine en een koelkast, maar deze aanvraag is afgewezen door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat zijn situatie bijzonder is vanwege hoge medische kosten en alimentatieverplichtingen.

De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de noodzakelijke kosten voor de wasmachine en koelkast volgens vaste rechtspraak behoren tot de incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Deze kosten dienen in principe te worden bestreden uit het inkomen op bijstandsniveau, bijvoorbeeld door reservering of gespreide betaling.

Bijzondere bijstand wordt slechts toegekend indien bijzondere omstandigheden aanwezig zijn waardoor deze kosten niet uit het inkomen en draagkracht kunnen worden voldaan. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat dergelijke bijzondere omstandigheden zich voordoen. Het ontbreken van voldoende reserverings- of aflossingsruimte vanwege andere betalingsverplichtingen wordt niet als bijzondere omstandigheid aangemerkt.

Daarom wordt het hoger beroep afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand bevestigd.

Uitspraak

11/6211 WWB
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van14 september 2011, 11/2683 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B. ] (appellant)
het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (college)
Datum uitspraak: 13 december 2012
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. D. van der Wal, advocaat, hoger beroep ingesteld.
Namens het college is een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 november 2012. Appellant is niet verschenen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H. Saygi.
OVERWEGINGEN
1. Bij besluit van 18 april 2011 is de afwijzing van de aanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van een wasmachine en een koelkast gehandhaafd. Overwogen is dat de kosten van vervanging van duurzame gebruiksgoederen zoals deze behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van levensonderhoud, die appellant wordt geacht zelf te betalen door vooraf te reserveren, door te lenen of door gespreide betaling achteraf. Wat appellant aangevoerd heeft in de bezwaarfase is geen reden om bijzondere omstandigheden aanwezig te achten, op grond waarvan de gevraagde kosten wel zouden kunnen worden vergoed.
2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep tegen het besluit van 18 april 2011 ongegrond verklaard.
3. Ook in hoger beroep heeft appellant betoogd dat zijn situatie wel bijzonder is, omdat hij staat voor hoge medische kosten en alimentatie moet betalen voor zijn kind.
4. De Raad komt tot de volgende beoordeling.
4.1. In geschil is slechts de vraag of in dit geval is voldaan aan de voorwaarde voor toekenning van bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Wet werk en bijstand (WWB) te weten dat de betreffende kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Met de rechtbank wordt geoordeeld dat het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat aan die voorwaarde niet is voldaan.
4.2. De noodzakelijke kosten waarvoor appellant bijzondere bijstand heeft aangevraagd zijn kosten die volgens vaste rechtspraak van de Raad (CRvB 20 december 2011, LJN BV0080) gerekend worden tot de incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Die kosten moeten in beginsel worden bestreden uit het inkomen op bijstandsniveau, hetzij door middel van reservering, hetzij door middel van gespreide betaling achteraf. Bijzondere bijstand voor deze kosten wordt alleen verleend als de kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden, die ertoe leiden dat die kosten niet uit het inkomen op bijstandsniveau en de aanwezige draagkracht kunnen worden voldaan. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat zich dergelijke bijzondere omstandigheden voordoen. Niet gebleken is dat het inkomen van appellant te laag was om voor een wasmachine en koelkast te reserveren of af te lossen op een lening daarvoor. Het ontbreken van voldoende reserveringsruimte of aflossingsruimte vanwege betalingsverplichtingen als door appellant genoemd wordt niet aangemerkt als een bijzondere omstandigheid als hiervoor bedoeld. De kosten van die betalingen kunnen niet afgewenteld worden op de WWB.
5. Het hoger beroep slaagt dus niet. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door K. Zeilemaker, in tegenwoordigheid van N.M. van Gorkum als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 december 2012.
(getekend) K. Zeilemaker
(getekend) N.M. van Gorkum