ECLI:NL:CRVB:2012:BY5689
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijzondere bijstand voor opslag- en taxatiekosten na ontruiming woning
Appellant ontving vanaf 2004 bijstand volgens de WWB. Na intrekking van de bijstand en een vonnis tot ontruiming van zijn woning, vroeg appellant bijzondere bijstand voor opslag- en taxatiekosten van zijn inboedel en erfstukken. Het college kende een geldlening toe voor de kosten van vervoer en opslag, omdat de noodzaak van bijstand het gevolg was van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid.
De Raad oordeelde dat de ontruiming niet uitsluitend het gevolg was van de intrekking van de bijstand, maar ook van structurele wanbetaling door appellant sinds 1999. Daarom was het college bevoegd de geldlening te verstrekken. De aanvragen voor bijzondere bijstand voor opslag- en taxatiekosten werden afgewezen omdat deze kosten niet tot de noodzakelijke kosten van het bestaan behoren.
Het college stelde vast dat in de opslagbox geen huisraad of erfstukken van appellant aanwezig waren, maar handelswaar en persoonlijke spullen die niet als noodzakelijke kosten konden worden aangemerkt. De Raad bevestigde de eerdere uitspraken van de rechtbank en wees de hoger beroepen af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor opslag- en taxatiekosten en keurt de verstrekking van bijzondere bijstand als geldlening goed.