ECLI:NL:CRVB:2012:BY2397
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buitenbehandelingstelling aanvraag Ziektewet wegens onvoldoende medische onderbouwing
Appellant diende in 2008/2009 een aanvraag om ziekengeld in met terugwerkende kracht tot 1994. Het UWV stelde de aanvraag buiten behandeling omdat de verstrekte medische informatie onvoldoende was om de aanvraag te beoordelen. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat geen eerste ziektedag kon worden vastgesteld op basis van de beschikbare gegevens.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de bewijslast bij appellant lag om aan te tonen dat er in 1994 sprake was van arbeidsongeschiktheid. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het UWV nader onderzoek had moeten doen, maar bracht geen nieuwe medische gegevens aan.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de eerdere uitspraak en benadrukte dat het tijdsverloop tussen de gestelde arbeidsongeschiktheid en de aanvraag onduidelijkheid met zich meebrengt die voor rekening van appellant komt. Het journaal van de huisarts bevatte geen relevante informatie over 1994. Er waren geen gronden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De aanvraag om ziekengeld wordt buiten behandeling gesteld wegens onvoldoende medische onderbouwing van arbeidsongeschiktheid in 1994.