ECLI:NL:CRVB:2012:BY0307
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening grondslag berekening periodieke uitkering Wuv
Appellant, erkend als vervolgde in de zin van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv), verzocht meerdere malen om herziening van de grondslag voor de berekening van zijn periodieke uitkering. Hij stelde dat de grondslag onjuist was omdat hij al in 1981 invalide was geraakt door psychische klachten als gevolg van vervolging, en dat daarom het peiljaar eerder had moeten liggen dan het laatstelijk door hem uitgeoefende beroep in WSW-verband.
De Raad overwoog dat de ingebrachte documenten en verklaringen niet als nieuwe feiten konden worden aangemerkt, omdat deze al bij eerdere procedures overlegd hadden kunnen worden. Het rapport van psychiater Hoek uit 2009 was een herinterpretatie van de situatie in 1995 en gaf geen nieuwe inzichten over de periode 1981-1983. Verder was het verlies van werk in 1981 niet gerelateerd aan de vervolging, en het niet doorverwijzen door het Joods Maatschappelijk Werk werd niet als fout van verweerder gezien.
De Raad concludeerde dat geen aanleiding bestond om de eerdere besluitvorming te herzien en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van het verzoek tot herziening van de grondslag voor de uitkeringsberekening wordt ongegrond verklaard.