ECLI:NL:CRVB:2012:BX9385
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering WTOS wegens onjuiste opleidingsgegevens
Appellante kreeg aanvankelijk een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS) toegekend, gebaseerd op de veronderstelling dat haar dochter een assistentenopleiding volgde. Uit controle bleek echter dat de dochter een VMBO-opleiding volgde, waardoor de toekenning onjuist was.
De Minister herzag de tegemoetkoming en vorderde een bedrag van € 683,72 terug. Appellante maakte bezwaar en stelde onder meer dat het vertrouwensbeginsel was geschonden en dat de hardheidsclausule toegepast had moeten worden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante geen vertrouwen kon ontlenen aan de oorspronkelijke toekenning, omdat op het besluit een andere opleiding stond vermeld dan door haar opgegeven. Ook de vermeende telefonische mededeling namens de Minister dat de wijziging van de opleiding geen gevolgen zou hebben, was gelet op het peildatumsysteem van de WTOS juist.
De Raad stelde vast dat de Minister terecht gebruik heeft gemaakt van zijn herzieningsbevoegdheid, en dat er geen aanleiding was om de hardheidsclausule toe te passen. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de herziening en terugvordering van de WTOS-tegemoetkoming bevestigd.