ECLI:NL:CRVB:2012:BX6544
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatieplicht
Appellante ontving een WW-uitkering en werd door het UWV aangesproken op het niet voldoen aan haar sollicitatieplicht in de periode van 1 maart 2010 tot en met 30 april 2010. Het UWV constateerde dat zij niet ten minste één keer per week solliciteerde en niet regelmatig vacatures bekeek, wat leidde tot een maatregel van 25% verlaging van haar uitkering voor vier maanden.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat de gehanteerde beleidsregel willekeurig was en dat zij onjuist en onvolledig werd voorgelicht over haar verplichtingen, waardoor zij mocht vertrouwen op haar eigen invulling van de sollicitatieplicht. De rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat de beleidsregel niet in strijd is met de wet en dat appellante onvoldoende sollicitatie-activiteiten heeft verricht.
De Raad benadrukte dat appellante, gezien haar langdurige werkloosheid, ook op functies van lager niveau had moeten solliciteren en dat de brochure van het UWV slechts algemene informatie geeft, waardoor zij zich had moeten informeren bij haar werkcoach. Er was geen sprake van verwijtbaarheidvermindering of schending van het zorgvuldigheidsbeginsel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de verlaging van de uitkering bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de WW-uitkering met 25% gedurende vier maanden wegens onvoldoende sollicitatie-activiteiten wordt bevestigd.