ECLI:NL:CRVB:2012:BX6532
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Recht op overneming achterstallige pensioenpremie na faillissement werkgever
Appellant was internationaal chauffeur bij een werkgever die op 16 maart 2010 failliet werd verklaard. De curator zegde het dienstverband op per 17 mei 2010, waarna appellant bij een andere werkgever in dienst trad. Het UWV weigerde overneming van pensioenpremies over de periode van 18 december 2009 tot en met 21 mei 2010, omdat de werkgever appellant niet had aangemeld bij het pensioenfonds.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat er geen betalingsverplichting bestond zonder pensioenovereenkomst. Appellant stelde in hoger beroep dat deelname aan het pensioenfonds verplicht was op grond van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000.
De Raad oordeelde dat de werkgever op grond van deze wet en het pensioenreglement gehouden was de premies te voldoen over de periode 18 december 2009 tot en met 16 mei 2010. Over de periode 17 tot en met 21 mei 2010 bestond geen recht op overneming omdat appellant toen bij een andere werkgever in dienst was en niet langer werkloos was.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat appellant recht heeft op overneming van de pensioenpremies over de genoemde periode. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Appellant heeft recht op overneming van pensioenpremies over de periode 18 december 2009 tot en met 16 mei 2010.