ECLI:NL:CRVB:2012:BX1765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Betaling Tijdspaarfonds niet als betaling aan derde in WW-zaak
Betrokkene was in dienst bij een werkgever die failliet ging waarna de curator het dienstverband opzegde met inachtneming van de kortst mogelijke opzegtermijn. Betrokkene verzocht het UWV om overname van betalingsverplichtingen van de werkgever, waaronder vergoedingen voor vrij opneembare roostervrije dagen en kort verzuimdagen die in het Tijdspaarfonds worden gestort. Het UWV kende een uitkering toe over een periode van 13 weken plus opzegtermijn. Betrokkene maakte bezwaar en stelde dat de periode maximaal een jaar moest zijn.
De rechtbank oordeelde dat Cordares en het Tijdspaarfonds als derden moeten worden gezien, waardoor een langere periode van betaling overgenomen moest worden. De Centrale Raad van Beroep vernietigde dit oordeel en stelde dat Cordares slechts een administratiekantoor is en het Tijdspaarfonds een intermediair met individuele rekeningen van werknemers. Hierdoor zijn de stortingen geen betalingen aan derden in de zin van artikel 64 WW Pro.
De Raad benadrukte dat de werknemer over de bedragen op zijn Tijdspaarrekening vrij kan beschikken en dat het Tijdspaarfonds geen zelfstandige invorderingsbevoegdheid heeft jegens de werkgever. Ook praktische beperkingen in de aanvraagprocedure veranderen hier niets aan. De Raad verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond en bevestigde de berekening van het UWV over 13 weken plus opzegtermijn.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de betalingsverplichting is terecht berekend over 13 weken plus opzegtermijn.