ECLI:NL:CRVB:2012:BW5822
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering WW-uitkering wegens niet-nakoming inlichtingenverplichting zelfstandige
Appellant ontving een WW-uitkering en verrichtte daarnaast werkzaamheden als zelfstandige zonder vanaf het begin de gewerkte uren op werkbriefjes te vermelden. Het UWV herzag daarop de uitkering en vorderde onverschuldigd betaalde bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond, maar liet de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant zijn inlichtingenverplichting niet is nagekomen omdat hij pas vanaf december 2005 de uren als zelfstandige meldde, terwijl hij al vanaf maart 2004 werkte. De werkzaamheden hadden geen hobbymatig karakter, maar waren serieus en gericht op inkomen. Niet alleen gefactureerde uren, maar ook tijd besteed aan acquisitie, administratie, reizen en scholing telt mee.
Het UWV handelde conform de in 2010 opgestelde ZZP-handleiding, die consistent is toegepast. De terugvordering van de WW-uitkering is niet in strijd met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Verzoeken om vergoeding van kosten en renteschade worden afgewezen. De proceskosten in hoger beroep worden deels toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 20 december 2010 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.