ECLI:NL:CRVB:2012:BW3776
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering inkomensvoorziening op grond van Wet Investeren in jongeren
Appellante ontving tot 1 februari 2010 bijstand op grond van de WWB, welke bij besluit van het college werd ingetrokken. Vervolgens diende zij op 31 mei 2010 een aanvraag in voor een werkleeraanbod op grond van de Wet Investeren in jongeren (WIJ). Het college deed haar een werkleeraanbod, maar weigerde een inkomensvoorziening toe te kennen, wat bij bezwaar werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en het bestreden besluit.
De Raad oordeelt dat het college een onjuist toetsingskader hanteerde door de aanvraag te beoordelen alsof het een voortzetting van de WWB-uitkering betrof, terwijl het hier om een nieuwe aanvraag op basis van de WIJ ging. Volgens de WIJ moet het college ambtshalve vaststellen of de jongere recht heeft op een inkomensvoorziening gelijktijdig met het werkleeraanbod. Het onderzoek van het college naar de woonsituatie van appellante was ontoereikend om te concluderen dat zij nog een gezamenlijke huishouding voert.
Daarom houdt de weigering van de inkomensvoorziening geen stand. De Raad draagt het college op een nieuw besluit te nemen, eventueel na nader onderzoek. Tevens veroordeelt de Raad het college in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de inkomensvoorziening wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.