ECLI:NL:CRVB:2012:BV8849
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ongewijzigde vaststelling arbeidsongeschiktheid en schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Appellant, een onderhoudsschilder met rugklachten, heeft sinds 1993 een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25 tot 35%. Na medisch onderzoek in 2007 bleef deze mate ongewijzigd. Het UWV stelde functies vast die appellant kon verrichten en maakte afspraken over re-integratie.
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het UWV en voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was, dat zijn beperkingen werden onderschat en dat de functies niet passend waren. Ook stelde hij dat de re-integratievisie onjuist was en verzocht hij om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigde de uitspraak over het eerste besluit wegens overschrijding van de redelijke termijn en veroordeelde het UWV tot een schadevergoeding van € 500,-. De vaststelling van de arbeidsongeschiktheid bleef ongewijzigd. Het tweede besluit werd bevestigd omdat de procedure binnen de redelijke termijn was afgerond.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, dat er geen aanwijzingen waren voor onderschatting van de beperkingen en dat de functies passend waren. Het verzoek om een onafhankelijke deskundige werd afgewezen. Daarnaast werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Vaststelling arbeidsongeschiktheid bevestigd, eerste besluit vernietigd wegens termijnoverschrijding en UWV veroordeeld tot schadevergoeding van € 500,-.