ECLI:NL:CRVB:2012:BV8823
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen terugvordering Ziektewet-uitkering niet tijdig ingediend
Appellante ontving een Ziektewet-uitkering die het UWV later terugvorderde wegens onverschuldigde betaling. Het UWV nam op 13 januari 2009 een besluit waarin werd aangegeven dat de uitkering tot 10 januari 2009 te veel was uitbetaald en teruggevorderd zou worden. Appellante maakte op 24 februari 2009 bezwaar tegen dit besluit en vulde dit aan op 26 maart 2009. Dit bezwaar werd ongegrond verklaard.
Op 11 juni 2009 nam het UWV een terugvorderingsbesluit tot een bedrag van €10.334,52. Appellante maakte op 23 oktober 2009 bezwaar tegen het uitblijven van een terugvorderingsbesluit of tegen het genomen besluit. Dit bezwaar werd op 11 december 2009 niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
Appellante stelde dat haar brief van 26 maart 2009 prematuur bezwaar was tegen het terugvorderingsbesluit van 11 juni 2009 en dat dit bezwaar ontvankelijk moest worden verklaard op grond van artikel 6:10 Awb Pro. De Raad oordeelde echter dat appellante niet redelijkerwijs kon menen dat het terugvorderingsbesluit al genomen was op het moment van haar brief, omdat het besluit van 13 januari 2009 slechts een vooraankondiging was. Bovendien heeft appellante geen andere gronden aangevoerd die haar bezwaar tijdig maken.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank dat het bezwaar niet-ontvankelijk is wegens termijnoverschrijding. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante tegen het terugvorderingsbesluit van het UWV is niet tijdig ingediend en daarom niet-ontvankelijk verklaard.