ECLI:NL:CRVB:2012:BV3142
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingenverplichting en niet-woonplaats in gemeente
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en stond ingeschreven in de gemeente Amstelveen. Na een vermoeden van fraude voerde het College een onderzoek uit, waarbij onder meer een huisbezoek plaatsvond en appellant werd gehoord op 4 maart 2010. Op basis van deze bevindingen trok het College de bijstand per 4 maart 2010 in vanwege het ontbreken van hoofdverblijf in Amstelveen en schending van de inlichtingenverplichting.
Appellant betwistte de juistheid van de verklaring van 4 maart 2010 en stelde dat hij wel degelijk in Amstelveen woonde. Hij voerde aan dat het gesprek onzorgvuldig was gevoerd zonder tolk en dat verklaringen van buurtbewoners niet volledig waren overgelegd. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat appellant de feiten niet had weersproken en dat het College redelijk had gehandeld.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad hechtte doorslaggevende waarde aan de verklaring van appellant zelf, de bevindingen van het huisbezoek en het lage elektriciteitsverbruik. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat de verklaring onjuist is. De schending van de inlichtingenverplichting leidde tot onterecht verleende bijstand, waarvoor het College bevoegd was deze in te trekken. De Raad ziet geen reden om het besluit van het College te vernietigen en bevestigt de aangevallen uitspraak.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand per 4 maart 2010 wordt bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting en ontbreken van hoofdverblijf in Amstelveen.