ECLI:NL:CRVB:2011:BU8217
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WW-uitkering wegens niet tijdig indienen en geen bijzonder geval
Appellante was werkloos van 15 juni 2007 tot 1 april 2008 en diende op 11 juli 2007 een WW-uitkering aan. Het UWV stelde de aanvraag buiten behandeling omdat appellante niet binnen de gestelde termijnen de gevraagde gegevens aanleverde. Een tweede aanvraag op 14 september 2009 werd geweigerd omdat deze niet binnen 26 weken na de werkloosheidsperiode was ingediend.
De rechtbank Arnhem oordeelde dat er geen sprake was van een bijzonder geval in de zin van artikel 35 WW Pro, waardoor de termijnoverschrijding niet kon worden geaccepteerd. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en wijst het hoger beroep af.
De Raad overweegt dat appellante zich bewust was van het ontbreken van de uitkering en dat zij tijdig had kunnen aanvragen. Sociale problematiek en haar sollicitatieactiviteiten maken geen bijzonder geval. De Raad ziet geen grond voor schadevergoeding of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De WW-uitkering wordt geweigerd omdat de aanvraag niet tijdig is ingediend en geen bijzonder geval is vastgesteld.