ECLI:NL:CRVB:2011:BR3065
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van bestuursrechtelijke uitspraak inzake bijzondere bijstand
Verzoekster heeft verzocht om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 23 mei 2006, waarin een eerdere afwijzing van bijzondere bijstand voor verhuiskosten werd bevestigd. Zij stelde dat zij geen aanvraag om bijzondere bijstand had gedaan, maar een aanvraag op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten, en dat zij en haar advocaten niet betrokken waren geweest bij de eerdere procedures.
De Raad overwoog dat het rechtsmiddel van herziening slechts openstaat voor nieuwe feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. De stelling van verzoekster werd niet als nieuw feit aangemerkt, aangezien dit voor de uitspraak van 23 mei 2006 reeds bekend was. Daarnaast bleek uit de gedingstukken dat verzoekster zelf het hoger beroep had ingesteld en dat zij en haar gemachtigde de gelegenheid hadden gehad om bij de zitting aanwezig te zijn.
Verder wees de Raad erop dat tegen de uitspraak van 21 december 2010, gedaan buiten zitting, verzet openstaat en dat het verzoek tot vernietiging van die uitspraak als verzetschrift aan de rechtbank zal worden doorgestuurd. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat het aangevoerde feit niet nieuw is en de procedure correct is gevolgd.