ECLI:NL:CRVB:2011:BP8635
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor glutenvrij dieet, voedingssupplementen en alternatieve geneeskunde
Appellante diende meerdere aanvragen in voor bijzondere bijstand op grond van de WWB voor kosten van een glutenvrij dieet, voedingssupplementen en alternatieve geneeskundige behandelingen. De eerste aanvraag voor het glutenvrije dieet werd in 2005 afgewezen vanwege het ontbreken van een medische indicatie, bevestigd door een advies van de GGD. Een tweede aanvraag in 2007 voor soortgelijke kosten werd eveneens afgewezen omdat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat er sprake was van nieuwe, noodzakelijke kosten.
De Raad oordeelde dat appellante niet slaagde in haar bewijslast om aan te tonen dat de dieetkosten en voedingssupplementen medisch noodzakelijk waren. De GGD had geen medische noodzaak vastgesteld en de Raad stelde dat de gevolgen van de keuze voor het dieet voor rekening van appellante blijven. Voor de alternatieve geneeskundige behandelingen werd vastgesteld dat deze niet onder de reguliere gezondheidszorg vallen en dat er geen zeer dringende redenen waren om hiervan af te wijken.
De rechtbank had ten onrechte de beoordeling van de aanvraag voor voedingssupplementen beperkt tot de vraag van nieuw gebleken feiten, omdat er geen eerdere aanvraag voor deze kosten was gedaan. De Raad bevestigde dat de afwijzing van het College terecht was en dat het hoger beroep geen doel treft. De aangevallen uitspraak werd bevestigd zonder veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor dieetkosten, voedingssupplementen en alternatieve geneeskundige behandelingen wordt afgewezen wegens gebrek aan medische noodzaak en dringende redenen.