ECLI:NL:CRVB:2011:BP3512
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening elektrische rolstoel wegens niet-rechtmatig verblijf
Verzoeker, lijdend aan een progressieve spierziekte, heeft herhaaldelijk een aanvraag ingediend voor een elektrische rolstoel bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Deze aanvragen werden telkens afgewezen omdat verzoeker niet rechtmatig in Nederland verblijft volgens artikel 8 van Pro de Wmo en de Vreemdelingenwet 2000.
De voorzieningenrechter stelt vast dat ondanks het progressieve ziektebeeld van verzoeker onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat het niet verstrekken van de rolstoel leidt tot een vernederende of onmenselijke behandeling in de zin van artikel 3 EVRM Pro. Ook is geen sprake van nieuwe feiten of omstandigheden die aanleiding geven tot herziening van eerdere afwijzingen.
De voorzieningenrechter overweegt dat herhaalde verzoeken om voorlopige voorziening slechts in aanmerking komen bij nieuwe feiten of ernstige onvolkomenheden in eerdere uitspraken, hetgeen hier niet is vastgesteld. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening voor het verstrekken van een elektrische rolstoel worden afgewezen wegens het ontbreken van rechtmatig verblijf en onvoldoende aannemelijkheid van schending van artikel 3 EVRM.