ECLI:NL:CRVB:2010:BM9866
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en vergoeding kosten bezwaar en proceskosten
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de herziening van haar WAO-uitkering door het UWV. Na verschillende besluiten en een eerdere uitspraak van de rechtbank, heeft het UWV bij besluit van 29 april 2010 het bezwaar alsnog gegrond verklaard en de WAO-uitkering verhoogd naar 80 tot 100% met ingang van 28 november 2006.
De Raad stelt vast dat hiermee tegemoet is gekomen aan de hoofdeis van appellante, maar dat het UWV ten onrechte heeft geweigerd vergoeding van kosten voor de psycholoog en wettelijke rente toe te kennen. De Raad vernietigt daarom het besluit van 29 november 2007 en het besluit van 29 april 2010 voor zover het weigert deze kosten te vergoeden.
Verder wijst de Raad het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat de totale procedure nog geen vier jaar heeft geduurd. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente, de kosten van het bezwaar en de proceskosten in beroep en hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 18 juni 2010.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de besluiten van 29 november 2007 en 29 april 2010 worden vernietigd, en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van kosten, wettelijke rente en proceskosten.