ECLI:NL:CRVB:2009:BK8271
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening WAO-uitkering wegens onvoldoende passende functies
Appellant, voormalig medewerker projectondersteuning, kreeg een WAO-uitkering toegekend wegens diabetes mellitus type I en somatoforme stoornis. Na diverse medische beoordelingen werd zijn uitkering herzien met een lagere mate van arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, ondanks een geconstateerd gebrek in het primaire verzekeringsgeneeskundige onderzoek dat volgens de rechtbank was hersteld in de bezwaarfase.
In hoger beroep betoogde appellant dat het onderzoek onvoldoende was en dat de geduide functies niet passend waren, mede vanwege stressbeperkingen en diploma- en ervaringsgebrek. Het UWV liet appellant onderzoeken door bezwaarverzekeringsarts De Brouwer, die concludeerde dat de functionele mogelijkhedenlijst (FML) correct was.
De Raad oordeelt echter dat de functies statistisch analist en huismeester niet voldoen aan de beperkingen, vooral door stressbelasting en ontbrekend technisch inzicht. Hierdoor resteren onvoldoende passende functies om de mate van arbeidsongeschiktheid te baseren. Het bestreden besluit is daarom in strijd met de Awb en wordt vernietigd. Het UWV moet een nieuw besluit nemen. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.