ECLI:NL:CRVB:2009:BK5743
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering WW-uitkering wegens onvolledige opgave zelfstandige uren
Appellant ontving vanaf 3 februari 2003 een WW-uitkering, waarbij hij werkzaamheden als zelfstandige verrichtte. Op de werkbriefjes gaf hij alleen de gedeclareerde uren op, niet de onbetaalde uren voor administratie en acquisitie. Een onderzoek naar aanleiding van een bestandsvergelijking met de Belastingdienst toonde aan dat appellant meer uren werkte dan opgegeven.
Het UWV herzag daarop de uitkering met terugwerkende kracht en vorderde onverschuldigd betaalde bedragen terug. De rechtbank vernietigde het besluit wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag in het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. Appellant stelde in hoger beroep dat hij niet wist dat hij alle uren moest opgeven en dat herziening met terugwerkende kracht het rechtszekerheidsbeginsel schond.
De Raad oordeelde dat appellant uitdrukkelijk was gewezen op het opgeven van alle uren en dat het UWV terecht de uitkering heeft herzien. De veronderstelling van appellant dat alleen gedeclareerde uren hoefden te worden opgegeven, was voor zijn rekening. De conclusie van de fraude-inspecteur bood geen vertrouwen dat de opgave correct was. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV de WW-uitkering van appellant terecht heeft herzien en teruggevorderd wegens onvolledige opgave van zelfstandige uren.