ECLI:NL:CRVB:2009:BK0190
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- A.B.J. van der Ham
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering rentedragende lening bij niet-nakoming aflossingsverplichting
De zaak betreft een hoger beroep van appellant tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage waarin het beroep tegen een terugvorderingsbesluit van een rentedragende lening werd afgewezen. Appellant had een lening ontvangen uit hoofde van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) die niet was afgelost volgens de afgesproken termijnen. Ondanks herhaalde verzoeken en schuldhulpverlening bleef de aflossing uit.
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage vorderde het openstaande bedrag terug op basis van artikel 40 en Pro volgende van het Bbz 2004. Appellant stelde onder meer dat de vordering verjaard was en dat de invordering via bestuursrecht niet mogelijk was. De Raad oordeelde dat er een duidelijke bestuursrechtelijke grondslag is voor terugvordering en dat de vordering niet is verjaard, mede omdat de gemeente vanwege de langdurige aflossingsonmacht niet eerder kon invorderen.
De Raad bevestigde dat het College terecht het bedrag van € 36.838,58 heeft teruggevorderd en dat er geen dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de lening bevestigd.