ECLI:NL:CRVB:2008:BD4926
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing beroep tegen verlaging WAO-uitkering wegens belastbaarheid en functiegeschiktheid
Appellant, wegens rug- en polsklachten arbeidsongeschikt sinds november 2002, kreeg een WAO-uitkering toegekend met een mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. Het UWV verklaarde bezwaar tegen een eerder besluit tot verlaging van de uitkering ongegrond, waarop appellant beroep instelde.
De Raad overwoog dat de medische beperkingen van appellant adequaat waren beoordeeld, mede aan de hand van rapportages van "De Gezonde Zaak" en een aangepaste Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De Raad vond geen aanwijzingen dat appellant zwaarder beperkt was dan vastgesteld en oordeelde dat de aan appellant voorgehouden functies passend waren gezien zijn beperkingen en opleidingsniveau.
Het verzoek tot benoeming van een deskundige werd afgewezen omdat er geen discrepanties waren tussen de medische rapportages. De Raad concludeerde dat de functies voldoende mogelijkheden bieden tot afwisseling van houding, en bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot verlaging van de WAO-uitkering en verklaart het beroep van appellant ongegrond.