ECLI:NL:CRVB:2008:BD1590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Terugvordering bijstand na nabetaling WW-uitkering over eerdere periode
Appellant ontving bijstand over een periode waarin later een nabetaling van zijn WW-uitkering werd gedaan. Het College vorderde de gemaakte kosten van bijstand terug op grond van artikel 58 lid 1 sub a WWB Pro in samenhang met artikel 54 lid 3 sub b WWB Pro. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat artikel 58 lid 1 sub f WWB Pro een zelfstandige terugvorderingsgrond is bij nabetaling van een WW-uitkering over een eerdere bijstandsperiode, en dat toepassing van artikel 54 lid 3 sub b WWB Pro in verbinding met artikel 58 lid 1 sub a WWB Pro geen alternatief is. Omdat appellant ten tijde van de toekenning van de bijstand niet beschikte over de WW-middelen, was de bijstand niet onverschuldigd betaald.
De Raad vernietigt daarom het besluit van 30 mei 2006, verklaart het beroep gegrond en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit voor zover het de terugvordering betreft in stand blijven. Het College handelde conform haar beleidsregel om terug te vorderen tenzij dringende redenen zich voordoen of het bedrag onder € 150,-- ligt. De Raad veroordeelt het College in de proceskosten en bepaalt vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de terugvordering blijft in stand.