ECLI:NL:CRVB:2008:BC7003
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K.J. Kraan
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens vermeend plichtsverzuim niet bewezen
Appellant, werkzaam als medewerker Handhaving Bedrijfsorde bij het Gemeentelijk Vervoerbedrijf, werd ontslagen wegens vermeend plichtsverzuim na een incident met een OTTO-wagen in augustus 2004. Het ontslag werd gebaseerd op verklaringen van collega’s over slapen tijdens dienst, te lange pauzes, het uitzetten van de portofoon, niet deelnemen aan controles en intimiderend gedrag.
De Raad beoordeelde dat de bewijslast voor plichtsverzuim niet was geleverd. Verklaringen van collega’s waren tegenstrijdig en onvoldoende onderbouwd. Objectieve gegevens zoals portofoongebruik en aanwezigheid bij procedures konden het verwijt niet overtuigend ondersteunen. Bovendien ontbrak een duidelijke instructie over pauzes, waardoor het pauzegedrag niet als plichtsverzuim kon worden aangemerkt.
De Raad oordeelde dat het college onvoldoende had aangetoond dat appellant zich schuldig had gemaakt aan de verwijten. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het ontslagbesluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en werd het onderzoek voor een schadevergoeding heropend.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd en het primaire ontslagbesluit herroepen wegens onvoldoende bewijs van plichtsverzuim.