ECLI:NL:CRVB:2007:BA4636
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet tijdig verstrekken gegevens
Appellant diende op 6 oktober 2004 een aanvraag om bijstand in. Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam verzocht appellant op 2 november 2004 om aanvullende gegevens te verstrekken vóór 11 november 2004, met waarschuwing dat bij niet tijdige aanlevering de aanvraag buiten behandeling zou worden gesteld. Na een telefonisch verzoek van appellant werd de termijn verlengd tot 15 november 2004.
Het College stelde de aanvraag op 17 november 2004 buiten behandeling omdat de gevraagde gegevens niet binnen de gestelde termijn waren ontvangen. Appellant voerde aan dat hij de gegevens tijdig op 12 november 2004 per post had verzonden en verwees naar artikel 6:9, tweede lid, Awb, dat stukken die binnen een week na de uiterste datum zijn ontvangen, toch tijdig worden geacht als ze tijdig zijn verstuurd.
De Raad oordeelde dat artikel 6:9 Awb Pro niet van toepassing is op het verstrekken van gegevens voor een aanvraag, maar op bezwaar- en beroepschriften. De gevraagde gegevens werden pas op 18 november 2004 ontvangen, na de hersteltermijn. Bovendien was niet aangetoond dat appellant de stukken daadwerkelijk tijdig had verzonden, mede omdat de retourenvelop zonder postzegels was verstuurd, wat tot zijn risicosfeer behoort.
De Raad concludeert dat het College terecht de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld en bevestigt de aangevallen uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig verstrekken van de gevraagde gegevens.