ECLI:NL:CRVB:2006:AZ4945
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van verlaging en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet aanvaarden arbeid en onvolledige inkomstenmelding
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder sinds 1998. Het College van burgemeester en wethouders van Roosendaal verlaagde haar bijstand met 100% voor één maand omdat zij een aangeboden baan als aardbeienplukster niet had aanvaard. Tevens werd de bijstand over 1999-2000 herzien en teruggevorderd wegens onvolledige melding van inkomsten uit arbeid.
De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar van het College, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellante ging in hoger beroep tegen deze bevestiging van rechtsgevolgen. De Raad oordeelde dat het niet aanvaarden van passend werk zowel onder de WWB als de Abw een sanctie rechtvaardigt en dat de verlaging proportioneel was.
Verder was het College bevoegd de bijstand over de jaren 1999-2000 te herzien en terug te vorderen omdat appellante niet alle inkomsten had opgegeven. De Raad vond geen reden om de herberekening of terugvordering onredelijk te achten. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens niet aanvaarden van passend werk en onvolledige inkomstenmelding.