ECLI:NL:CRVB:2005:AU5879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding zonder melding
Appellanten ontvingen bijstandsuitkeringen als alleenstaande respectievelijk alleenstaande ouder. Uit onderzoek van de sociale recherche bleek dat zij een gezamenlijke huishouding voerden zonder dit aan de gemeente te melden.
De gemeente trok de bijstand in en vorderde de ten onrechte ontvangen bedragen terug. De rechtbank had het beroep deels gegrond verklaard, maar liet de terugvordering over het merendeel van de periode in stand. Beide partijen gingen in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat appellanten daadwerkelijk een gezamenlijke huishouding voerden, ondanks inschrijving op verschillende adressen. De verklaring van appellante tegenover de sociale recherche werd als betrouwbaar beschouwd. Omdat appellanten de inlichtingenplicht schonden, was de gemeente terecht gehouden tot intrekking en terugvordering.
Appellanten konden niet aantonen dat zij recht hadden op bijstand als gehuwden of partners. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees verzoeken om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd en verzoeken om schadevergoeding afgewezen.