ECLI:NL:CRVB:2005:AT3113
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening recht op bijstand en terugvordering wegens onvolledig melden inkomsten
Appellant ontving een bijstandsuitkering en heeft inkomsten uit arbeid niet volledig gemeld aan het College van burgemeester en wethouders van de gemeente. Op grond van informatie van de belastingdienst en uitzendbureaus werd het recht op bijstand herzien over de periode 14 juli 1997 tot en met 21 december 1997, en werd een bedrag van f 9.296,44 teruggevorderd.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij zijn inlichtingenverplichting niet had geschonden en dat de gemeente niet alert had gereageerd op zijn verstrekte informatie. De Raad concludeerde dat de Adviescommissie over alle relevante gegevens beschikte en dat appellant de inlichtingenverplichting uit de Algemene bijstandswet (Abw) wel degelijk had geschonden.
De Raad overwoog dat appellant werkzaamheden verrichtte voor twee uitzendbureaus en inkomsten had ontvangen die niet volledig waren gemeld op de maandelijkse inlichtingenformulieren. De gemeente mocht vertrouwen op de juistheid van deze formulieren. De herziening en terugvordering waren daarom terecht en er waren geen dringende redenen om hiervan af te zien.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van het recht op bijstand en de terugvordering wegens onvolledig melden van inkomsten.